Citaat | Hoge Raad 13 september 2016

Onder 2.2.2. Hoge Raad 13 september 2016

Een alinea uit Hoge Raad 13 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2057.

[medeverdachte] en [betrokkene 2] stapten uit en deden de achterklep open en omhoog. Daarop hebben zij [slachtoffer] uit de auto gehaald en aan de linkerzijde van de weg neergelegd in een geultje. Wij zijn toen in mijn auto gestapt en weggereden. Wij reden in de richting van Arnhem. Wij hebben eerst [medeverdachte] ergens in Arnhem afgezet. Ik ben vervolgens de A-12 opgereden richting Ede. [medeverdachte] had mij de weg gewezen. Ik weet niet waar wij [medeverdachte] hebben afgezet. Ik ben niet bekend in Arnhem. [medeverdachte] is al joggend weggegaan. Ik ben omgedraaid en in dezelfde richting terug gegaan richting Veenendaal om [betrokkene 2] af te zetten. Ik heb [betrokkene 2] afgezet bij zijn woning en ben toen naar huis gereden. Ik heb toen mijn auto een paar straten verderop bij de Dubbelhof te Ede geparkeerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a1e1b71c569b299d8e7b6e23b7f0dee82edcf952f1bb781a302610fabb3bca01. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a1e1b71c569b299d8e7b6e23b7f0dee82edcf952f1bb781a302610fabb3bca01, en de alinea staat in dat document op bytes 34910 tot 35763.