Citaat | Hoge Raad 20 september 2016

Onder 3.3.6. Hoge Raad 20 september 2016

Een alinea uit Hoge Raad 20 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2125.

Indien door of namens de betrokkene zo een gevolgtrekking wel voldoende gemotiveerd is betwist, dienen aan de motivering van de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel nadere eisen te worden gesteld. In dat geval zal de rechter in zijn overwegingen met betrekking tot die schatting moeten motiveren op grond waarvan hij ondanks hetgeen door of namens de betrokkene tegen die gevolgtrekking en de onderliggende feiten en omstandigheden is aangevoerd, die gevolgtrekking aanvaardt. Indien de rechter de aan het financieel rapport of aan andere wettige bewijsmiddelen ontleende feiten en omstandigheden, die hij bij zijn oordeel daaromtrent betrekt en die redengevend zijn voor de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel, in de overwegingen (samengevat) weergeeft onder nauwkeurige vermelding van de vindplaatsen daarvan, is aan de in art. 359, derde lid, Sv voortvloeiende verplichting voldaan."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/287df82d2a9afcdb1c6b0cf1ee1198935da124de4eb9f76964e8c418d2722c1d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 287df82d2a9afcdb1c6b0cf1ee1198935da124de4eb9f76964e8c418d2722c1d, en de alinea staat in dat document op bytes 30087 tot 31019.