Citaat | Hoge Raad 20 september 2016
Onder 10.00 Hoge Raad 20 september 2016
Een alinea uit Hoge Raad 20 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2126.
Tijdens het aanrijden hoorde ik, verbalisant, dat een manspersoon op de uitkijk stond en drie andere mannen in de tuin stonden, aan de achterzijde van de woning ( [a-straat 1] te [plaats] ). Ik hoorde dat de man welke op de uitkijk stond, voldeed aan het volgende signalement: manspersoon, vermoedelijk Noord-Afrikaans, dik postuur, trainingsbroek en slippers, later bleek dit verdachte [verdachte] te wezen. Tevens hoorde ik dat de centralist mij mededeelde dat de mannen uit de tuin ( [a-straat 1] te [plaats] ) kwamen gelopen en dat een van de mannen een blauwe tas bij zich droeg. Ik hoorde dat de centralist mij mededeelde dat zij alle vier in een personenauto stapten. Ik hoorde dat dit een kleine witkleurige personenauto betrof, welke was voorzien van het kenteken [AA-00-AA] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49c3c7b93d29fd58baf0601cf64182cddc98fcb6f3d0ff6f203cc12aa60e3df1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49c3c7b93d29fd58baf0601cf64182cddc98fcb6f3d0ff6f203cc12aa60e3df1, en de alinea staat in dat document op bytes 13692 tot 14490.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49c3c7b93d29fd58baf0601cf64182cddc98fcb6f3d0ff6f203cc12aa60e3df1 | shasum -a 256