Citaat | Hoge Raad 23 september 2016

Onder 3.4.4 Hoge Raad 23 september 2016

Een alinea uit Hoge Raad 23 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2171.

De uitleg dat voor iedere rechtspersoon afzonderlijk dient te worden bezien of de cao van toepassing is, strookt met de omschrijving van het begrip ‘werkgever’ in art. 2.1 van de cao, luidende “een (natuurlijke of rechts-) persoon die op basis van een arbeidsovereenkomst één of meer werknemers in dienst heeft in zijn onderneming”. Opmerking verdient dat zij ook strookt met de latere versie van de cao, die eveneens algemeen verbindend is verklaard (besluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 maart 2014, Stcrt. 20 maart 2014, nr. 1049) en dus recht is in de zin van art. 79 RO. In die versie is bepaald dat de cao ziet op “iedere natuurlijke persoon, rechtspersoon of niet rechtspersoonlijkheid bezittende vennootschap in Nederland die in hoofdzaak, dat wil zeggen gebruikelijk minimaal 50% van de verloonde arbeid, besteden aan het fabrieksmatig produceren van gemaksvoeding, koks- en snackwaren en die deze etenswaren niet ter onmiddellijke consumptie levert.” Deze wijziging is door de minister in de preambule van zijn besluit toegelicht met de volgende passage:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1eff9f0e60b9dd64a1e07b4e8262852c5ea5395ceeead91f96fd294ee95fa400. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1eff9f0e60b9dd64a1e07b4e8262852c5ea5395ceeead91f96fd294ee95fa400, en de alinea staat in dat document op bytes 15615 tot 16737.