Citaat | Hoge Raad 30 september 2016

Onder 3.7.3. Hoge Raad 30 september 2016

Een alinea uit Hoge Raad 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2195.

3.7.5.4. De wetgever van de Europese Unie heeft sedert de inwerkingtreding van het CDW de voorwaarden ter bepaling van de schuldenaren van de douaneschuld volledig willen vastleggen (vgl. punt 39 van het arrest HvJ 23 september 2004, Spedition Ulustrans, C-414/02, ECLI:EU:C:2004:551; hierna: het arrest Spedition Ulustrans). De bewoordingen van artikel 201, lid 3, tweede alinea, van het CDW – die zijn overgenomen in artikel 54 van het Douanebesluit – duiden erop dat de wetgever de mogelijke kring van personen die hoofdelijk aansprakelijk kunnen worden gesteld, niet alleen heeft willen harmoniseren maar ook heeft willen begrenzen, anders dan eerder onder de werking van Vo. (EEG) 1031/88.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e015585046d80555f1b32fa9856fc684908bec6e3a9141fd427d462d4dd2d0b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e015585046d80555f1b32fa9856fc684908bec6e3a9141fd427d462d4dd2d0b, en de alinea staat in dat document op bytes 53356 tot 54068.