Citaat | Hoge Raad 30 september 2016
Onder 5.3.1 Hoge Raad 30 september 2016
Een alinea uit Hoge Raad 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2227.
De regeling van het schuldeisersverzuim in de art. 6:58 e.v. BW strekt ertoe de nadelen weg te nemen die voor de schuldenaar zijn verbonden aan de aan de schuldeiser toerekenbare onmogelijkheid zijn verbintenis na te komen. Volgens art. 6:61 BW verkeert de schuldenaar zelf tijdens het schuldeisersverzuim niet in (schuldenaars)verzuim, zodat de schuldenaar dan niet de in de art. 6:119 e.v. BW bedoelde (wettelijke of overeengekomen) rente wegens vertraging in de voldoening van een geldsom verschuldigd wordt. De schuldenaar kan op de voet van de art. 6:66 en 6:68 BW bewerkstelligen dat (ook) de bedongen rente gedurende het schuldeisersverzuim niet doorloopt, door gebruik te maken van de mogelijkheid tot inbewaringstelling van een geldsom. Daarnaast kan de schuldenaar volgens art. 6:60 BW vorderen dat de rechter bepaalt dat de schuldenaar van zijn verbintenis bevrijd zal zijn, al dan niet onder door de rechter te stellen voorwaarden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc81b483d259e599e52b0cb5e7ba93035e899dca35a6623fcdc8f8d213876b63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc81b483d259e599e52b0cb5e7ba93035e899dca35a6623fcdc8f8d213876b63, en de alinea staat in dat document op bytes 20071 tot 21027.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc81b483d259e599e52b0cb5e7ba93035e899dca35a6623fcdc8f8d213876b63 | shasum -a 256