Citaat | Hoge Raad 30 september 2016
Onder 4.7 Hoge Raad 30 september 2016
Een alinea uit Hoge Raad 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2228.
Naar het oordeel van het hof heeft [eiseres] niet voldoende onderbouwd gesteld dat en wanneer het voor [verweerder] mogelijk was het bedrag van € 10.000,00 terug te betalen. De enkele mededeling van mr. Douwes ter gelegenheid van de repliek van het pleidooi in hoger beroep dat niet vaststaat dat [verweerder] nooit kan terugbetalen is hiertoe, mede gelet op het gemotiveerde betoog van [verweerder] dat hij het bedrag eerst niet wilde aannemen omdat hij wist dat hij het bedrag niet zou kunnen terugbetalen en de erkenning van [eiseres] ter gelegenheid van het pleidooi dat [verweerder] het absoluut niet wilde, niet voldoende. Aan bewijslevering op dit punt komt het hof gelet hierop niet toe. Het hof heeft er derhalve vanuit te gaan dat voormelde opschortende voorwaarde niet is vervuld. Of sprake is van een overeenkomst van geldlening of van schenking kan dan ook in het midden blijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e7f914459f5e5274cac4021a06492498f6319309c1e417514d5e3f21c4dde7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e7f914459f5e5274cac4021a06492498f6319309c1e417514d5e3f21c4dde7a, en de alinea staat in dat document op bytes 11971 tot 12878.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e7f914459f5e5274cac4021a06492498f6319309c1e417514d5e3f21c4dde7a | shasum -a 256