Citaat | Hoge Raad 30 september 2016

Onder 3.3.1 Hoge Raad 30 september 2016

Een alinea uit Hoge Raad 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2228.

De onderdelen 1-3 van het middel zijn gericht tegen hetgeen het hof in de rov. 4.5 – 4.10 heeft overwogen met betrekking tot het bedrag van € 10.000,--. Bij de beoordeling van deze onderdelen dient tot uitgangspunt dat het hof in het midden heeft gelaten of sprake is van een overeenkomst van geldlening of van schenking (zie het slot van rov. 4.7), in beide gevallen met een opschortende voorwaarde als door het hof bedoeld. Dat ook bij een schenking sprake kan zijn van een voorwaardelijke verbintenis tot terugbetaling, kan afgeleid worden uit HR 13 juli 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2576, NJ 2001/506.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e7f914459f5e5274cac4021a06492498f6319309c1e417514d5e3f21c4dde7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e7f914459f5e5274cac4021a06492498f6319309c1e417514d5e3f21c4dde7a, en de alinea staat in dat document op bytes 15470 tot 16087.