Citaat | Hoge Raad 30 september 2016

Onder 3.6.1 Hoge Raad 30 september 2016

Een alinea uit Hoge Raad 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2228.

Onderdeel 3.1 klaagt dat het hof, voor zover de door hem bedoelde opschortende voorwaarde moet worden verstaan als een voorwaarde voor terugbetaling zonder enige tijdsbepaling, art. 7A:1797 BW heeft miskend omdat het de vordering van [eiseres] op de voet van die bepaling had moeten toewijzen, eventueel onder toestaan van uitstel aan [verweerder].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e7f914459f5e5274cac4021a06492498f6319309c1e417514d5e3f21c4dde7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e7f914459f5e5274cac4021a06492498f6319309c1e417514d5e3f21c4dde7a, en de alinea staat in dat document op bytes 20364 tot 20726.