Citaat | Hoge Raad 7 oktober 2016
Onder 3.4.2 Hoge Raad 7 oktober 2016
Een alinea uit Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2286.
Deze klacht faalt. Het hof heeft in rov. 2.6 erop gewezen dat [verzoeker] ook tijdens de procedure voor de rechtbank herhaaldelijk in de gelegenheid is gesteld om aan zijn verplichtingen te voldoen. De overweging van het hof dat [verzoeker] niet duidelijk heeft gemaakt “wat er precies met hem aan de hand is” heeft, in samenhang met hetgeen het hof ervóór en erna overweegt, de kennelijke strekking dat [verzoeker] , nadat hij ook tijdens de procedure voor de rechtbank – waarin hij werd bijgestaan door een advocaat – meerdere mogelijkheden om aan zijn verplichtingen te voldoen onbenut had gelaten, niet (meer) kon volstaan met het verweer dat de tekortkomingen hem niet konden worden verweten gelet op de medische verklaringen waaruit zijn ziektebeeld bleek. In deze overwegingen ligt besloten dat van [verzoeker] kon worden gevergd dat hij zou verklaren waarom zijn ziekte eraan in de weg stond dat hij – eventueel met behulp van derden – (alsnog) aan zijn verplichtingen voldeed (vgl. HR 20 oktober 2006, ECLI:NL:HR:2006:AY8310, NJ 2006/572). Dit oordeel is niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6903c287830666fb2558ad8327a7b1bd79afaf7a17edf324cf980da059559ff2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6903c287830666fb2558ad8327a7b1bd79afaf7a17edf324cf980da059559ff2, en de alinea staat in dat document op bytes 10903 tot 12041.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6903c287830666fb2558ad8327a7b1bd79afaf7a17edf324cf980da059559ff2 | shasum -a 256