Citaat | Hoge Raad 14 oktober 2016

Onder 3.2.2 Hoge Raad 14 oktober 2016

Een alinea uit Hoge Raad 14 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2350.

De discussie spitst zich vervolgens toe op de vraag of de instelling betrokkene niet te lang heeft beperkt. Een uitslag van een UC komt normaal gesproken binnen twee of drie dagen. In dit geval is betrokkene pas op 2 juli 2015 bekend geworden met de negatieve uitslag van de urinecontrole, waarna betrokkene zijn bewegingsvrijheid weer heeft teruggekregen. Ter zitting is niet duidelijk geworden wanneer de instelling de uitslag heeft ontvangen. Ongeacht de vraag wanneer de instelling bekend was met de negatieve UC-uitslag, acht de rechtbank de duur van beperking van de bewegingsvrijheid van vijf dagen (van 29 juni tot en met 2 juli 2015) in dit geval toelaatbaar. De rechtbank is namelijk met de instelling van oordeel dat deze beperking noodzakelijk was gelet op de mogelijke nadelige effecten van drugsgebruik op de gezondheid van betrokkene en/of op de verdenking van betrokkene bij mogelijke verstoring van de orde in de instelling of diens betrokkenheid bij strafbare feiten. De rechtbank acht ook overigens genoemde beperking van de bewegingsvrijheid binnen de kliniek niet onredelijk en niet in strijd met de rechtsbeginselen van subsidiariteit, proportionaliteit en doelmatigheid.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf4f5634862948249af18811e5809b51fc320473fbefc3d7f9d7eead8044fd82. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf4f5634862948249af18811e5809b51fc320473fbefc3d7f9d7eead8044fd82, en de alinea staat in dat document op bytes 11996 tot 13205.