Citaat | Hoge Raad 14 oktober 2016
Onder 3.4.2 Hoge Raad 14 oktober 2016
Een alinea uit Hoge Raad 14 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2354.
Met het vorenstaande strookt dat de stelplicht en bewijslast met betrekking tot de vatbaarheid voor beslag en executie rusten op de schuldeiser die beslag legt of wil leggen op goederen van de vreemde staat en dat, ook indien de vreemde staat in rechte verstek laat gaan, steeds vastgesteld moet worden dat de desbetreffende goederen vatbaar zijn voor beslag. De schuldeiser zal derhalve steeds gegevens moeten aandragen aan de hand waarvan kan worden vastgesteld dat de goederen door de vreemde staat worden gebruikt of zijn bestemd voor, kort gezegd, andere dan publieke doeleinden. (rov. 3.5.3 van het arrest van 30 september 2016)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b1bdb50d12bf3ce7d67b286c7444ca9bc139e0c7584e3558f9886841840482f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b1bdb50d12bf3ce7d67b286c7444ca9bc139e0c7584e3558f9886841840482f9, en de alinea staat in dat document op bytes 13505 tot 14152.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b1bdb50d12bf3ce7d67b286c7444ca9bc139e0c7584e3558f9886841840482f9 | shasum -a 256