Citaat | Hoge Raad 12 februari 2016
Onder 3.8.1 Hoge Raad 12 februari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 12 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:236.
Blijkens HvJEU 4 juni 2015, C-497/13, ECLI:EU:C:2015:357 (Faber/Hazet Ochten), punten 42-44, ligt aan de eis dat de nationale rechter bepalingen van consumentenbeschermende Unierichtlijnen ambtshalve toepast, het effectiviteitsbeginsel ten grondslag. Die eis is volgens het HvJEU (met verwijzing naar onder meer het arrest Rampion, punt 65) gerechtvaardigd omdat de consument zich tegenover de verkoper in een zwakke onderhandelingspositie bevindt en over minder informatie dan de verkoper beschikt, en omdat het niet te verwaarlozen gevaar bestaat dat de consument uit onwetendheid geen beroep zal doen op de rechtsregel die ertoe strekt hem te beschermen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b634689b2c1cf5ec4da6a08846654ca086810dc7e67c2607e6278a75771e578c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b634689b2c1cf5ec4da6a08846654ca086810dc7e67c2607e6278a75771e578c, en de alinea staat in dat document op bytes 24089 tot 24759.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b634689b2c1cf5ec4da6a08846654ca086810dc7e67c2607e6278a75771e578c | shasum -a 256