Citaat | Hoge Raad 25 oktober 2016
Onder 1.2.3. ' Hoge Raad 25 oktober 2016
Een alinea uit Hoge Raad 25 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2412.
Voorts is er, gelet op de wijze waarop [slachtoffer 3] toen heeft verklaard, geen enkele aanwijzing dat [slachtoffer 3] op dat moment "voorgeprogrammeerd" was of anderszins de neiging had om met een verklaring die niet strookte met haar eigen herinnering te voldoen aan een wens van een derde. De enkele omstandigheid dat [slachtoffer 3] ten aanzien van enkele aspecten door haar tante Tiny is geïnformeerd - het gaat om vier kwesties die zijn vermeld op de pagina's 6, 8 en 11 van het proces-verbaal van het betreffende verhoor - maakt hetgeen [slachtoffer 3] overigens heeft verklaard niet onbetrouwbaar of ongeloofwaardig. In tegendeel: [slachtoffer 3] geeft in die vier gevallen desgevraagd telkens direct aan de informatie van die tante te hebben gekregen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97bcbc78233d4f2a4f90d07dc802059b452d33bfb4f037c43dd28136e9bfb438. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97bcbc78233d4f2a4f90d07dc802059b452d33bfb4f037c43dd28136e9bfb438, en de alinea staat in dat document op bytes 38511 tot 39287.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/97bcbc78233d4f2a4f90d07dc802059b452d33bfb4f037c43dd28136e9bfb438 | shasum -a 256