Citaat | Hoge Raad 25 oktober 2016

Onder 1.2.2. Hoge Raad 25 oktober 2016

Een alinea uit Hoge Raad 25 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2412.

Ik ben op zaterdagmorgen 12 juli 2003 het parkeerterrein van [A] opgelopen. Ik heb er gekeken naar de prijzen die op een lijst vermeld waren en ik heb een paar auto's bekeken. Op een gegeven moment stond [slachtoffer 1] naast mij en wij hebben toen gesproken over een BMW 740i. (...) Op de prijslijst had ik gezien dat de auto voor 13.500 euro te koop stond. Ik heb met [slachtoffer 1] afgesproken dat ik voor de auto 11.250 euro zou betalen. (...) Ik ben toen naar huis teruggelopen om het geld op te halen. Ik heb thuis 11.400 euro uit de lade van de kast gepakt. (...) Vervolgens ben ik te voet voor de tweede keer op weg gegaan naar [A] . (...) Toen ik daar aankwam (...) zei ik tegen [slachtoffer 1] dat ik de BMW 740i nog even ging bekijken en dat ik dacht dat ik de auto wel zou kopen. Samen met [slachtoffer 1] heb ik toen de auto nogmaals bekeken. (...) Ik heb gezegd dat ik de auto wilde kopen. Wij zijn toen naar het postkantoor gereden in de auto van [slachtoffer 1] , een Honda. [slachtoffer 1] (...) gaf mij de overschrijvingspapieren. Ik ben het postkantoor binnengegaan. (...) Vervolgens zijn wij weer samen teruggereden naar het bedrijf van [slachtoffer 1] . Hij parkeerde de auto bij de oprit van het parkeerterrein en samen zijn wij de straat overgestoken naar de oprit van de woning. [slachtoffer 1] vroeg zijn vrouw om koffie in te schenken en even later kwam zij met koffie het kantoortje binnen. Toen kwam ook het meisje het kantoortje in. (...)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97bcbc78233d4f2a4f90d07dc802059b452d33bfb4f037c43dd28136e9bfb438. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97bcbc78233d4f2a4f90d07dc802059b452d33bfb4f037c43dd28136e9bfb438, en de alinea staat in dat document op bytes 9195 tot 10676.