Citaat | Hoge Raad 18 november 2016
Onder 2.4. Hoge Raad 18 november 2016
Een alinea uit Hoge Raad 18 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2497.
Het vierde middel klaagt erover dat het Hof belanghebbende niet de door haar verzochte vergoeding voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn heeft toegekend. Voor zover uit ’s Hofs uitspraak moet worden opgemaakt dat het dit verzoek heeft afgewezen op de grond dat het niet is gemotiveerd, geeft de beslissing van het Hof blijk van een onjuiste rechtsopvatting, aangezien een dergelijk verzoek geen (nadere) motivering behoeft. In het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn ligt een voldoende motivering besloten. Voor zover het Hof is uitgegaan van een juiste opvatting ter zake, ontbreekt een beslissing op het verzoek en kleeft aan de uitspraak van het Hof in zoverre dit gebrek. Ook dit middel treft daarom doel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6da8f9a4fcc3a938f2aa2ca3182868897ee6c356d6079a4c602a4bd5a1b2a6c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6da8f9a4fcc3a938f2aa2ca3182868897ee6c356d6079a4c602a4bd5a1b2a6c1, en de alinea staat in dat document op bytes 11634 tot 12448.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6da8f9a4fcc3a938f2aa2ca3182868897ee6c356d6079a4c602a4bd5a1b2a6c1 | shasum -a 256