Citaat | Hoge Raad 15 januari 2016
Onder 3.8.2 Hoge Raad 15 januari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 15 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:25.
De klachten van dit onderdeel slagen. Uit de totstandkomingsgeschiedenis van art. 40c Ow volgt dat art. 40c, aanhef en onder 1°, Ow betrekking heeft op werken die tot stand worden gebracht voor rekening en risico van rechtspersonen als bedoeld in art. 2:1 lid 1 en 2 BW (hierna: overheidswerken). Zie de passages uit de parlementaire geschiedenis geciteerd in de conclusie van de waarnemend Advocaat-Generaal onder (het tweede) 3.12, in samenhang met de daaraan voorafgaande Kamerstukken II 1979-1980, 15 978, nrs. 3-4, p. 7 en 10. Ook bij de toepassing van art. 40c, aanhef en onder 1°, Ow geldt dus de beperking van het daarmee samenhangende art. 40c, aanhef en onder 2°, Ow. Dat de eliminatieregel alleen betrekking heeft op overheidswerken, volgt ook uit de rechtspraak (vgl. HR 5 september 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI0871, NJ 2004/385 (’s-Gravenhage/ […] c.s.), rov. 3.7.3 en 3.7.4). De rechtbank heeft ten onrechte in andere zin geoordeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ddb6648afe0c768dfff430380b86a28b94dc87342b8ef806eaec09e5c4858410. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ddb6648afe0c768dfff430380b86a28b94dc87342b8ef806eaec09e5c4858410, en de alinea staat in dat document op bytes 26143 tot 27106.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ddb6648afe0c768dfff430380b86a28b94dc87342b8ef806eaec09e5c4858410 | shasum -a 256