Citaat | Hoge Raad 11 november 2016
Onder 5.2.2 Hoge Raad 11 november 2016
Een alinea uit Hoge Raad 11 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2574.
Anders dan in onderdeel 1 van Cordial c.s. en onderdeel 1 van [A] wordt betoogd, geldt die regel niet slechts indien het enquêteverzoek ‘binnen een redelijke termijn’ of ‘met bekwame spoed’ is ingediend. Een zodanige inperking past niet bij de (in de Slotervaartbeschikking omschreven) ratio van de regel. Daarbij verdient opmerking dat tijdsverloop wel een omstandigheid kan zijn waarmee rekening wordt gehouden bij de beoordeling van een beroep op rechtsverwerking (zie hiervoor in 4.2) of in het kader van een belangenafweging bij de beoordeling van de toewijsbaarheid van het enquêteverzoek (vgl. HR 20 november 1996, ECLI:NL:HR:1996:AD2646, NJ 1997/188 (Wijsmuller)).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a01e545a165e29e287f79483f32c83e60a9772a40a86c5579cbc01d32b19b3f1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a01e545a165e29e287f79483f32c83e60a9772a40a86c5579cbc01d32b19b3f1, en de alinea staat in dat document op bytes 25522 tot 26218.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a01e545a165e29e287f79483f32c83e60a9772a40a86c5579cbc01d32b19b3f1 | shasum -a 256