Citaat | Hoge Raad 18 november 2016
Onder 3.7.4 Hoge Raad 18 november 2016
Een alinea uit Hoge Raad 18 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2638.
Uit na te noemen passage in de memorie van toelichting bij het voorstel voor de Wira volgt niet iets anders dan hiervoor in 3.7.3 is overwogen. In die toelichting is in een tabel met betrekking tot de bepalingen van Richtlijn 2007/66/EG opgemerkt dat geen gebruik is gemaakt van de (hiervoor in 3.5.4 genoemde) optie dat de burgerlijke rechter zich in het daar genoemde geval alleen kan uitlaten over schadevergoeding. Dat is uitsluitend in die tabel toegelicht en wel met de opmerking dat de burgerlijke rechter zich ook over de overeenkomst kan uitspreken (Kamerstukken II 2008-2009, 32 027, nr. 3, p. 26). Deze uitlatingen vallen echter tegen de achtergrond van het hiervoor overwogene aldus te verstaan dat hierbij alleen is gedacht aan de hiervoor in 3.7.3 genoemde mogelijkheid om de overeenkomst aan te tasten op grond van wilsgebreken en van art. 3:40 BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6f2af3f5a66f56707ac7b1379096052f7ab3b07bc6d32942e01fc0a52dfd5a68. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6f2af3f5a66f56707ac7b1379096052f7ab3b07bc6d32942e01fc0a52dfd5a68, en de alinea staat in dat document op bytes 25107 tot 25983.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6f2af3f5a66f56707ac7b1379096052f7ab3b07bc6d32942e01fc0a52dfd5a68 | shasum -a 256