Citaat | Hoge Raad 18 november 2016
Onder 3 Hoge Raad 18 november 2016
Een alinea uit Hoge Raad 18 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2643.
3.4.1 Vraag 4 betreft de maatstaf aan de hand waarvan een verweer tegen een exhibitievordering moet worden beoordeeld dat inhoudt dat het recht op grond waarvan de exhibitie wordt verlangd, nietig is (dan wel, zo voegt de Hoge Raad daaraan toe, niet langer bestaat).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40c4032783a81c2a8f2b56985acd896a3a5857754611106d0a2d2f47d8b4389e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40c4032783a81c2a8f2b56985acd896a3a5857754611106d0a2d2f47d8b4389e, en de alinea staat in dat document op bytes 24842 tot 25121.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/40c4032783a81c2a8f2b56985acd896a3a5857754611106d0a2d2f47d8b4389e | shasum -a 256