Citaat | Hoge Raad 25 november 2016

Onder 4.3. Hoge Raad 25 november 2016

Een alinea uit Hoge Raad 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2686.

Zoals is beslist in het arrest van de Hoge Raad van 13 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3076, NJ 2016/8, dient in de beklagzaak van de beslagene die niet de verschoningsgerechtigde is, het oordeel in de beklagprocedure van de verschoningsgerechtigde, als dat onherroepelijk is geworden, tot uitgangspunt te worden genomen. Indien in die laatste procedure onherroepelijk is beslist dat inbeslagneming van de desbetreffende brieven of andere stukken in strijd is met het verschoningsrecht, is het klaagschrift van de beslagene in zoverre gegrond en is kennisneming van die bescheiden niet toegestaan. In het geval dat het beroep van de verschoningsgerechtigde op zijn verschoningsrecht ongegrond wordt verklaard, moet de beslagene niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn klaagschrift voor zover het de klachten met betrekking tot het verschoningsrecht betreft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d1f9b1a3ffdb68ab4a5df1407bb12f65f82b5a75f2e694573645bbb5b16a2b32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d1f9b1a3ffdb68ab4a5df1407bb12f65f82b5a75f2e694573645bbb5b16a2b32, en de alinea staat in dat document op bytes 28792 tot 29664.