Citaat | Hoge Raad 29 november 2016
Onder 3.3. Hoge Raad 29 november 2016
Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2714.
"2. De verplichting kan worden opgelegd aan de in het eerste lid bedoelde persoon die voordeel heeft verkregen door middel van of uit de baten van het daar bedoelde strafbare feit of soortgelijke feiten of feiten waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd, waaromtrent voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door hem zijn begaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dedc4ebb0f488cccc778b6594a58383349a99f19f8b7a815e97ac6ecabbd0e4b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dedc4ebb0f488cccc778b6594a58383349a99f19f8b7a815e97ac6ecabbd0e4b, en de alinea staat in dat document op bytes 10959 tot 11325.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dedc4ebb0f488cccc778b6594a58383349a99f19f8b7a815e97ac6ecabbd0e4b | shasum -a 256