Citaat | Hoge Raad 9 december 2016
Onder 3.4.2 Hoge Raad 9 december 2016
Een alinea uit Hoge Raad 9 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2822.
Art. 7:908 lid 2, eerste zin, BW bepaalt dat de verbindendverklaring geen gevolg heeft ten aanzien van een gerechtigde tot een vergoeding die binnen een door de rechter te bepalen termijn van ten minste drie maanden na de in art. 1017 lid 3 Rv bedoelde aankondiging van de beschikking door een schriftelijke mededeling aan de in art. 7:907 lid 2, onder f – thans g – BW bedoelde persoon heeft laten weten niet gebonden te willen zijn. Ingevolge art. 7:908 lid 3 BW kan ook een gerechtigde die bij de in lid 2 bedoelde aankondiging nog niet bekend kon zijn met zijn schade, zodanige mededeling doen nadat hij met zijn schade bekend is geworden, al dan niet nadat hem daartoe door de partij die zich heeft verbonden tot vergoeding van schade een termijn is gesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39301b7061a6bec425ac09d68ecb96583c65a4c3afb494cad9b0bc863aa95429. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39301b7061a6bec425ac09d68ecb96583c65a4c3afb494cad9b0bc863aa95429, en de alinea staat in dat document op bytes 15012 tot 15793.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/39301b7061a6bec425ac09d68ecb96583c65a4c3afb494cad9b0bc863aa95429 | shasum -a 256