Citaat | Hoge Raad 9 december 2016

Onder 3.4.3 Hoge Raad 9 december 2016

Een alinea uit Hoge Raad 9 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2822.

In art. 15.2 van de WCAM-overeenkomst is vermeld dat verklaringen als bedoeld in art. 7:908 leden 2 en 3 BW dienen te worden gericht aan [de notaris], notaris te Den Haag, of diens ambtsopvolger. In zijn beschikking tot verbindendverklaring van de WCAM-overeenkomst (zie hiervoor in 3.1 (v)) heeft het gerechtshof Amsterdam de termijn waarbinnen de gerechtigden zich van de gevolgen van de verbindendverklaring kunnen bevrijden op zes maanden gesteld (rov. 10.1).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39301b7061a6bec425ac09d68ecb96583c65a4c3afb494cad9b0bc863aa95429. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39301b7061a6bec425ac09d68ecb96583c65a4c3afb494cad9b0bc863aa95429, en de alinea staat in dat document op bytes 15889 tot 16366.