Citaat | Hoge Raad 9 december 2016
Onder 3.2.1 Hoge Raad 9 december 2016
Een alinea uit Hoge Raad 9 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2835.
In deze procedure vordert Värde dat [eiser 1] veroordeeld zal worden aan haar te betalen hetgeen hij verschuldigd is, primair op grond van het Dexia Aanbod en subsidiair op grond van de WCAM-overeenkomst. Met betrekking tot de leaseovereenkomst met nummer [001] zou [eiser 1] op basis van het Dexia Aanbod een hoofdsom van € 8.899,09 verschuldigd zijn, en op grond van de WCAM-overeenkomst € 4.373,26. Met betrekking tot de leaseovereenkomst met nummer [002] zou [eiser 1] op basis van het Dexia Aanbod een hoofdsom van € 18.850,89 verschuldigd zijn, en op grond van de WCAM-overeenkomst een hoofdsom van € 13.316,64. [eiseres 2] is als gevoegde partij aan de zijde van [eiser 1] in de hoofdprocedure tussen Värde en [eiser 1] toegelaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/19494b97c9311281cb8ffc6d143effcbeed58fad4eadd050b4ed016b8374eab4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 19494b97c9311281cb8ffc6d143effcbeed58fad4eadd050b4ed016b8374eab4, en de alinea staat in dat document op bytes 13982 tot 14743.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/19494b97c9311281cb8ffc6d143effcbeed58fad4eadd050b4ed016b8374eab4 | shasum -a 256