Citaat | Hoge Raad 9 december 2016

Onder 3.2.3 Hoge Raad 9 december 2016

Een alinea uit Hoge Raad 9 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2835.

“3.8. Vast staat dat [eiseres 2] bij de Overeenkomst Dexia Aanbod geen partij was. Zij bleef daardoor bevoegd tot vernietiging van de leaseovereenkomsten. Dit gegeven brengt met zich, dat, waar Dexia weigerde die vernietiging te aanvaarden, over de rechtsgeldigheid van die leaseovereenkomsten onzekerheid is blijven bestaan in de zin van artikel 7:900 BW. Deze onzekerheid, die dus het gevolg is van het feit dat alleen [eiser] de Overeenkomst Dexia Aanbod is aangegaan en [eiseres 2] bevoegd bleef tot vernietiging van de leaseovereenkomsten, was vatbaar voor beëindiging door de Duisenberg-regeling. Derhalve doet zich de uitzondering van artikel 2.2 onder f van de Duisenberg-regeling niet voor. Aldaar is, kort gezegd en voor zover hier van belang, bepaald dat de Duisenberg-regeling niet geldt voor effectenleaseovereenkomsten die onderwerp zijn van een minnelijke regeling die tot stand is gekomen door acceptatie van het Dexia-Aanbod. Mitsdien moeten [eiser] c.s. als gerechtigden onder de Duisenberg-regeling worden aangemerkt. Nu zij zich niet op de voet van artikel 7:908 lid 2 aan de verbindendverklaring ervan hebben onttrokken, zijn ook [eiser] c.s. daaraan gebonden, evenals overigens Varde als rechtsopvolger van Dexia.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/19494b97c9311281cb8ffc6d143effcbeed58fad4eadd050b4ed016b8374eab4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 19494b97c9311281cb8ffc6d143effcbeed58fad4eadd050b4ed016b8374eab4, en de alinea staat in dat document op bytes 15782 tot 17036.