Citaat | Hoge Raad 13 december 2016

Onder 2.5. Hoge Raad 13 december 2016

Een alinea uit Hoge Raad 13 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2838.

De wet voorziet thans niet in een regeling op grond waarvan, ingeval een geluidsopname van het verhandelde ter terechtzitting is gemaakt, die opname wordt verstrekt aan procespartijen met het oog op de controle van de verslaglegging in het proces-verbaal. Indien de wetgever dit aangewezen acht, kan hiertoe een voorziening in het leven worden geroepen. Uitgangspunt zal ook dan zijn dat het proces-verbaal beslissend is voor de vaststelling van de ter terechtzitting inachtgenomen vormen en van al hetgeen met betrekking tot de zaak op de terechtzitting is voorgevallen alsmede voor de - zakelijke - weergave van de aldaar afgelegde verklaringen van getuigen, deskundigen en verdachte. De geluidsopname kan hierbij slechts dienen ter controle door partijen van de verslaglegging in het concept van het proces-verbaal van die zitting en het maken van op- en aanmerkingen bij dat concept, waarna degenen die door de wet zijn aangewezen voor de vaststelling, het proces-verbaal definitief vaststellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f46cf2eab17b1afde89aef17fcacd523293f68d27830a87f16fb374c086f9728. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f46cf2eab17b1afde89aef17fcacd523293f68d27830a87f16fb374c086f9728, en de alinea staat in dat document op bytes 13510 tot 14522.