Citaat | Hoge Raad 19 februari 2016
Onder 3.3.2 Hoge Raad 19 februari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:286.
Op grond van art. 66 Fw is de rechter-commissaris bevoegd om ter opheldering van alle omstandigheden het faillissement betreffende, getuigen te horen. In de MvT is deze bepaling onder meer als volgt toegelicht dat “[d]e rechter-commissaris (…) de nodige macht [moet] bezitten om, wanneer hem dit wenselijk voorkomt, een zo volledig mogelijk onderzoek te kunnen instellen naar alle omstandigheden het faillissement betreffende, naar de oorzaken daarvan, het gedrag des schuldenaars enz.” (Van der Feltz II (1987), p. 4). In HR 17 mei 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ3645, NJ 2013/292 is dan ook overwogen dat het artikel de rechter-commissaris een ruime bevoegdheid geeft en dat het de rechter in hoger beroep op grond van art. 67 Fw vrijstaat met deze ruime bevoegdheid rekening te houden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/831e2b38842d3d54c4d1804e6a4d49e7ec1d5729b86c8eb382d71464c0f100a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 831e2b38842d3d54c4d1804e6a4d49e7ec1d5729b86c8eb382d71464c0f100a7, en de alinea staat in dat document op bytes 16035 tot 16850.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/831e2b38842d3d54c4d1804e6a4d49e7ec1d5729b86c8eb382d71464c0f100a7 | shasum -a 256