Citaat | Hoge Raad 19 februari 2016
Onder 3.4.1 Hoge Raad 19 februari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:286.
In de hiervoor in 3.3.4 en 3.3.5 vermelde beschikkingen van 6 oktober 2006 is met ‘derden’ gedoeld op anderen dan de failliet, de curator en eventueel de getuigen. De vraag of de failliet aanspraak heeft op een afschrift van, dan wel inzage in het proces-verbaal van het op de voet van art. 66 Fw gehouden verhoor, moet worden beoordeeld aan de hand van de hiervoor in 3.3.3 vermelde maatstaven, zoals uitgewerkt in de daarin aangehaalde beschikking van de Hoge Raad van 22 september 1995.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/831e2b38842d3d54c4d1804e6a4d49e7ec1d5729b86c8eb382d71464c0f100a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 831e2b38842d3d54c4d1804e6a4d49e7ec1d5729b86c8eb382d71464c0f100a7, en de alinea staat in dat document op bytes 20491 tot 20997.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/831e2b38842d3d54c4d1804e6a4d49e7ec1d5729b86c8eb382d71464c0f100a7 | shasum -a 256