Citaat | Hoge Raad 20 december 2016
Onder 3.3. Hoge Raad 20 december 2016
Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2889.
Het Hof heeft geoordeeld dat de verdachte door het aannemen van een valse naam en een valse hoedanigheid [betrokkene 1] , respectievelijk [betrokkene 2] , heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag. Blijkens de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen heeft het Hof vastgesteld dat de verdachte zich door het plaatsen van een advertentie op de internetsite Marktplaats.nl heeft voorgedaan als verkoper van Iphones terwijl hij die telefoons niet had, dat hij in telefonisch contact met [betrokkene 1] , respectievelijk [betrokkene 2] , naar aanleiding van die advertentie telkens gebruik heeft gemaakt van valse namen, dat hij tijdens die telefoongesprekken heeft gezegd tegen [betrokkene 1] dat hij winkels had in Almelo, Rotterdam en Heerlen, respectievelijk tegen [betrokkene 2] dat [betrokkene 2] het toestel in een winkel kon ophalen, alsmede dat hij voor het ontvangen van de overeengekomen betalingen een bankrekeningnummer heeft opgegeven zonder de juiste tenaamstelling daarvan op te geven. Gelet hierop en in aanmerking genomen hetgeen onder 2.3.4-2.3.6 is overwogen geeft 's Hofs oordeel dat de bewezenverklaarde gedragingen van verdachte vallen aan te merken als oplichting in de zin van art. 326 Sr niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Het is ook niet onbegrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2737dc2e9b7b17d08544a1d8ef3c4c2f90c2577a2f08e8e1d4ec7f4748b41e58. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2737dc2e9b7b17d08544a1d8ef3c4c2f90c2577a2f08e8e1d4ec7f4748b41e58, en de alinea staat in dat document op bytes 33482 tot 34783.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2737dc2e9b7b17d08544a1d8ef3c4c2f90c2577a2f08e8e1d4ec7f4748b41e58 | shasum -a 256