Citaat | Hoge Raad 20 december 2016

Onder 2.2.3. Hoge Raad 20 december 2016

Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2911.

De aangeefster heeft verklaard dat zij tegen de verdachte heeft gezegd dat ze pijn had, ze heeft haar zoon geroepen, ze heeft gezegd dat ze ongesteld was en dat ze een tampon in had, ze heeft meerdere keren gezegd dat ze echt pijn had, ze heeft gehuild en ze heeft gezegd dat hij moest stoppen. Dit kwam niet aan bij de verdachte, hij was niet bereikbaar en niet voor rede vatbaar.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ed9ff2c793420c01470cf9628730f8f80ef5c6a89aeedb89f7fb5abc070a9e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ed9ff2c793420c01470cf9628730f8f80ef5c6a89aeedb89f7fb5abc070a9e9, en de alinea staat in dat document op bytes 20414 tot 20808.