Citaat | Hoge Raad 23 december 2016
Onder 3.5.4 Hoge Raad 23 december 2016
Een alinea uit Hoge Raad 23 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2987.
Het hof heeft in rov. 13 overwogen dat de norm waaraan getoetst moet worden bij de beoordeling van de hypothetisch situatie dat [eiseres 1] eerder zou zijn behandeld, niet die van de optimaal handelende oogarts is, maar die van de redelijk handelende en redelijk bekwame oogarts. Daarmee heeft het hof miskend wat hiervoor onder 3.5.3 is overwogen. Onderdeel II.1 wijst in dit verband op de getuigenverklaring van de behandelend oogarts, waarop [eisers] zich in feitelijke instanties hebben beroepen (onder meer memorie van grieven, nr. 44 e.v.):
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/92e0099ac41e02a2bc7928db06853ccf4909b87d8cab928aa100f21692cf08d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 92e0099ac41e02a2bc7928db06853ccf4909b87d8cab928aa100f21692cf08d8, en de alinea staat in dat document op bytes 19524 tot 20083.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/92e0099ac41e02a2bc7928db06853ccf4909b87d8cab928aa100f21692cf08d8 | shasum -a 256