Citaat | Hoge Raad 23 februari 2016

Onder 2.2.2. Hoge Raad 23 februari 2016

Een alinea uit Hoge Raad 23 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:302.

De rechtbank heeft bij de bepaling van de straf de oriëntatiepunten van het Landelijk overleg van voorzitters van de strafsectoren van de gerechtshoven en de rechtbanken (LOVS) als uitgangspunt genomen. Het LOVS geeft als oriëntatiepunt voor straftoemeting ten aanzien van het bezit van kinderporno een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden en een werkstraf voor de duur van 240 uren en ten aanzien van het vervaardigen van kinderporno een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 1 jaar. Daarbij is echter vermeld dat moet worden gedacht aan een persoon die niet eerder is veroordeeld voor zedendelicten en die een geringe hoeveelheid kinderporno in bezit heeft gehad. In het geval van verdachte kan niet meer van een geringe hoeveelheid worden gesproken. Daarbij komt dat verdachte ook daadwerkelijk ontuchtige handelingen heeft gepleegd met een minderjarige terwijl hij in de positie van buurman en als vriend van de familie verkeerde. De rechtbank is in dit geval dan ook van oordeel dat een deels onvoorwaardelijke vrijheidsstraf noodzakelijk is, omdat aard en ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, door een lichtere strafrechtelijke afdoening van de zaak miskend zouden worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c88d1de6ca62f24e3d7813246833520034799a665e439587211bfe4a741aa6f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c88d1de6ca62f24e3d7813246833520034799a665e439587211bfe4a741aa6f7, en de alinea staat in dat document op bytes 10721 tot 11959.