Citaat | Hoge Raad 26 februari 2016
Onder 3.3.4 Hoge Raad 26 februari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 26 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:336.
Anders dan de onderdelen 1.2 en 1.4 betogen, heeft het hof niet miskend dat voor een geslaagd beroep op art. 251 (oud) WvK vereist is dat [eiseres] heeft gehandeld met het opzet Aegon te misleiden. In rov. 14 heeft het immers het betoog van [eiseres] dat dit niet het geval is, verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8557a01dc5c17d9f447e22b91de2cd4540b741ce6a27c1e014dec1a588fc12d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8557a01dc5c17d9f447e22b91de2cd4540b741ce6a27c1e014dec1a588fc12d, en de alinea staat in dat document op bytes 21879 tot 22180.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e8557a01dc5c17d9f447e22b91de2cd4540b741ce6a27c1e014dec1a588fc12d | shasum -a 256