Citaat | Hoge Raad 26 februari 2016
Onder 4.4.3 Hoge Raad 26 februari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 26 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:339.
Art. 3 lid 1, aanhef en onder b, aanhef en onder i, van Richtlijn 2000/35/EG bepaalt dat de lidstaten ervoor zorgen dat, indien er in de overeenkomst geen datum of termijn voor betaling is vastgesteld, automatisch zonder aanmaning interest is verschuldigd dertig dagen na de ontvangst door de schuldenaar van de factuur of een gelijkwaardig verzoek tot betaling. In dezelfde bepaling zijn onder b, aanhef en onder ii-iv, situaties omschreven waarin de ingangsdatum van de termijn van 30 dagen mede wordt bepaald door andere omstandigheden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13f177bddaf862786d1bceea8dd84ec5c6ac4aa63892808def2eeb4871a7b48e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13f177bddaf862786d1bceea8dd84ec5c6ac4aa63892808def2eeb4871a7b48e, en de alinea staat in dat document op bytes 18385 tot 18937.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/13f177bddaf862786d1bceea8dd84ec5c6ac4aa63892808def2eeb4871a7b48e | shasum -a 256