Citaat | Hoge Raad 26 februari 2016

Onder 3.3 Hoge Raad 26 februari 2016

Een alinea uit Hoge Raad 26 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:344.

De onderdelen 1 en 2 van het middel bevatten geen klachten. Onderdeel 3.1 klaagt dat het hof heeft miskend dat het de appellabiliteit van de beschikking van de rechtbank tot heropening van het voorlopig getuigenverhoor had moeten beoordelen volgens de regels voor de toe- of afwijzing van een verzoek tot het doen horen van getuigen bij rogatoire commissie. Het onderdeel voert daartoe aan dat de heropening heeft plaatsgevonden voor het doen horen van getuigen in Duitsland door middel van een rogatoire commissie. Onderdeel 3.2 klaagt onder meer dat het hof heeft miskend dat art. 188 lid 2 Rv in het onderhavige geval niet van toepassing is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c7a61e837dbfb21b36fb5c3b5ec286d0459072d943edc108521939bb9586202. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c7a61e837dbfb21b36fb5c3b5ec286d0459072d943edc108521939bb9586202, en de alinea staat in dat document op bytes 12263 tot 12920.