Citaat | Hoge Raad 4 maart 2016
Onder 2.1. Hoge Raad 4 maart 2016
Een alinea uit Hoge Raad 4 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:371.
De eerste en de tweede klacht betogen onder meer dat de Rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat belanghebbende zijn verzoek om immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn had moeten doen voorafgaand aan de in artikel 8:54, lid 1, Awb bedoelde sluiting van het onderzoek, en dat de Rechtbank heeft miskend dat een dergelijk verzoek ook voor het eerst in de verzetprocedure kan worden gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cda7c767ab39a67cc3cc3ef3da34b9ffb25b4f7883ec0b47fb52d6a37ca45798. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cda7c767ab39a67cc3cc3ef3da34b9ffb25b4f7883ec0b47fb52d6a37ca45798, en de alinea staat in dat document op bytes 4834 tot 5274.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cda7c767ab39a67cc3cc3ef3da34b9ffb25b4f7883ec0b47fb52d6a37ca45798 | shasum -a 256