Citaat | Hoge Raad 8 maart 2016

Onder 2.2.2. Hoge Raad 8 maart 2016

Een alinea uit Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:382.

Op 25 december 2011 kregen wij het verzoek om te gaan naar de [a-straat 1] te [plaats] . Wij kwamen omstreeks 10.45 uur ter plaatse. Ik, verbalisant [verbalisant 1] , zag in de woning een gewonde persoon op de grond liggen. De man lag in een soort foetushouding. Ik zag dat het gelaat van de man zwaar bebloed was, evenals zijn handen. Ik schoof de trui van de man ietwat omhoog en zag dat de rug van de man, met name richting nieren, diverse grote blauwe plekken vertoonde. Ik zag dat het gelaat van de man behoorlijk gezwollen, bebloed en vol bloeduitstortingen was. Ik zag op de muur links direct naast de deur diverse bloedvlekken. Wij, verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , zagen twee stoelen. Een stoel lag op de grond. De tweede stoel was vernield. De vloer van de woning was bezaaid met diverse soorten meubilair dat al dan niet vernield was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/612971b077f4b813e4e8b43ccf6aba292e8cec0f58bb8f4dd3a5d5891b9ba0da. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 612971b077f4b813e4e8b43ccf6aba292e8cec0f58bb8f4dd3a5d5891b9ba0da, en de alinea staat in dat document op bytes 7414 tot 8290.