Citaat | Hoge Raad 8 maart 2016
Onder 2.2.2. Hoge Raad 8 maart 2016
Een alinea uit Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:382.
Ik ben bevriend met [medeverdachte] . Ik ben alleenstaand en dat geldt ook voor [medeverdachte] . We spraken in eerste instantie vorige week af om op kerstavond 24 december 2011 bij mij te gourmetten, doch daarna vroeg [medeverdachte] aan mij of ik met hem meeging om bij [slachtoffer] kerstavond te vieren. Hij woont op hetzelfde adres als [medeverdachte] . Ik ken die man ook en [medeverdachte] en ik komen daar vaker. Ik kwam via [medeverdachte] met die man in contact.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/612971b077f4b813e4e8b43ccf6aba292e8cec0f58bb8f4dd3a5d5891b9ba0da. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 612971b077f4b813e4e8b43ccf6aba292e8cec0f58bb8f4dd3a5d5891b9ba0da, en de alinea staat in dat document op bytes 18606 tot 19091.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/612971b077f4b813e4e8b43ccf6aba292e8cec0f58bb8f4dd3a5d5891b9ba0da | shasum -a 256