Citaat | Hoge Raad 15 januari 2016
Onder 2.7.1. Hoge Raad 15 januari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 15 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:40.
Wat betreft de hiervoor in 2.1.2 als eerste vermelde naheffingsaanslag moet worden onderzocht of voor de over het tijdvak januari 2009 aangegeven belasting tijdig, dat wil zeggen binnen de in artikel 7, lid 1, UBIW 1990 genoemde termijn, rechtsgeldig een melding van betalingsonmacht is gedaan. Bij bevestigende beantwoording van die vraag rust ingevolge artikel 36, lid 3, van de Wet de bewijslast van kennelijk onbehoorlijk bestuur op de Ontvanger. Bij ontkennende beantwoording dient belanghebbende, gelet op het bepaalde in artikel 36, lid 6, van de Wet, te worden toegelaten tot weerlegging van het in lid 4, eerste volzin, van dat artikel bedoelde vermoeden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec5608c385e84043fcb714026be7f9a93e36c30185fe998cd70bc699286c9c6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec5608c385e84043fcb714026be7f9a93e36c30185fe998cd70bc699286c9c6f, en de alinea staat in dat document op bytes 12099 tot 12777.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec5608c385e84043fcb714026be7f9a93e36c30185fe998cd70bc699286c9c6f | shasum -a 256