Citaat | Hoge Raad 15 maart 2016
Onder 2.4. Hoge Raad 15 maart 2016
Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:406.
Uit de bewijsvoering kan naar de kern worden afgeleid dat de verdachte als voormalig leidinggevende of baliemedewerker betrokken is geweest bij een coffeeshop, dat hij een broer is van medeverdachten van handel in hennep en hasjiesj en dat op zijn - niet door hemzelf bewoonde - GBA-adres hasjiesj, weed en vooraf gedraaide joints zijn aangetroffen. Daaruit kan evenwel nog niet volgen dat de verdachte behoorde tot een op de handel in hennep en hasjiesj gericht samenwerkingsverband en dat hij een aandeel heeft gehad in, of heeft ondersteund, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het binnen die organisatie bestaande oogmerk en derhalve in de bewezenverklaring vermelde periode aan die organisatie heeft "deelgenomen" in de hiervoor bedoelde betekenis. De bewezenverklaring van feit 1 is derhalve niet naar de eis der wet met redenen omkleed. Het middel is terecht voorgesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09c9dbd87704ce0d0f9e2c875a4a741aee89417aac4ce74ad9dc5207ccbaa763. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09c9dbd87704ce0d0f9e2c875a4a741aee89417aac4ce74ad9dc5207ccbaa763, en de alinea staat in dat document op bytes 8443 tot 9385.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/09c9dbd87704ce0d0f9e2c875a4a741aee89417aac4ce74ad9dc5207ccbaa763 | shasum -a 256