Citaat | Hoge Raad 22 maart 2016
Onder 2.2. Hoge Raad 22 maart 2016
Een alinea uit Hoge Raad 22 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:460.
"Verdachte is bij vonnis van 7 december 2010 door de Rechtbank Haarlem veroordeeld. Het arrest van het Hof is gebaseerd op het onderzoek ter terechtzitting van 18 juni 2013. De zaak heeft in hoger beroep voor het eerst gediend op 7 februari 2012. Er is toen verstek verleend en de zaak is op schriftelijk verzoek van de verdachte aangehouden. Op 2 juli 2012 is verdachte verschenen en is de zaak om verschillende redenen opnieuw aangehouden. De verdachte is ter terechtzitting in hoger beroep op 18 juni 2013 niet verschenen. Het onderzoek is opnieuw aangevangen. Uit de ID-staat SKDB volgt dat op het moment dat werd getracht de oproeping voor de zitting van 18 juni 2013 uit te reiken, de verdachte geen GBA-adres had. Er is blijkens de akte een oproeping aan de griffier van de Rechtbank Oost-Nederland uitgereikt. Tevens is gepoogd om de oproeping uit te reiken aan het laatst bekende adres van de verdachte, maar uit de betekeningsakte volgt dat dit niet is gelukt, omdat de in de adressering aangegeven woning niet bestond. Ook deze oproeping is aan de griffier van de Rechtbank Oost-Nederland uitgereikt."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/780851b0fc7116961632b61cbc69cf5e0e646ee3191e07db02875136d1ab16d3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 780851b0fc7116961632b61cbc69cf5e0e646ee3191e07db02875136d1ab16d3, en de alinea staat in dat document op bytes 7809 tot 8934.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/780851b0fc7116961632b61cbc69cf5e0e646ee3191e07db02875136d1ab16d3 | shasum -a 256