Citaat | Hoge Raad 22 maart 2016

Onder 2.2. Hoge Raad 22 maart 2016

Een alinea uit Hoge Raad 22 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:465.

[verdachte] bood mij een alcoholshotje aan. [verdachte] maakte één shotje. Hij zei dat hij dit voor mij maakte. Hij maakte er ook nog één voor zichzelf. Hij zei dat hij [betrokkene 2] naar huis moest brengen en dat hij mij ook wel naar huis wilde brengen. Toen ik er eenmaal één maal had gedronken, ging ik er vanuit dat [verdachte] mij naar huis ging brengen. Verder heb ik van hem nog ander shotje gehad. Later wilde hij weer een shotje inschenken. Ik zei dat het daarna genoeg was. Ik heb het glaasje toen wel leegdronken. Ik heb duidelijk aangegeven dat ik verder niets meer wilde drinken. Maar daarna kwam er nog een. [verdachte] had weer een shotje ingeschonken. Hij drong wel aan om het op te drinken. In totaal heb ik vier alcoholshotjes gedronken in iets van twee uur tijd. De alcohol deed wel wat me. Ik voelde me aangeschoten, maar ik wist nog wel wat ik wel en niet deed. Aangeschoten houdt bij mij in dat ik iets losser word met praten. Ik maak dan wat makkelijker opmerkingen terug.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/abb23d1239d47e8c5b99b169a6328d5f55df1f0a8bb33aa08cc4c187cb0689d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt abb23d1239d47e8c5b99b169a6328d5f55df1f0a8bb33aa08cc4c187cb0689d4, en de alinea staat in dat document op bytes 19838 tot 20865.