Citaat | Hoge Raad 25 maart 2016

Onder 2.5.4. Hoge Raad 25 maart 2016

Een alinea uit Hoge Raad 25 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:485.

Ingeval bij het vaststellen van een belastingaanslag ook een boetebeschikking en/of een beschikking inzake heffings- of belastingrente wordt gegeven, vinden deze beschikkingen hun grondslag in de vaststelling van de belastingschuld. Een tegen die belastingaanslag gericht bezwaar dient krachtens artikel 24a, lid 2, AWR – tenzij het tegendeel blijkt - te worden opgevat als mede tegen de boetebeschikking gericht. In voorkomend geval geldt dit ook voor (de beschikking ter zake van) de heffings- of belastingrente (artikel 24a, lid 3, AWR). Daarmee strookt dat voor de toepassing van artikel 4:17 Awb de aanslag, de boetebeschikking en de beschikking inzake heffings- of belastingrente die op hetzelfde aanslagbiljet zijn vermeld een zodanige samenhang vertonen dat met betrekking tot de uitspraak op daartegen gerichte bezwaren slechts één dwangsom kan worden verbeurd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb6654b57f09770be281630b992b59cbe1012e1b7728916489ce0e01a060a837. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb6654b57f09770be281630b992b59cbe1012e1b7728916489ce0e01a060a837, en de alinea staat in dat document op bytes 21515 tot 22402.