Citaat | Hoge Raad 5 april 2016

Onder 3.1. Hoge Raad 5 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:553.

Tussen januari 2008 en juni 2013 werd er volgens de bankafschriften van verdachte [verdachte] en [betrokkene 1] op de diverse bankrekeningen gestort € 146.239,- + €23.259,01 = € 169.498,01. Bestaande uit:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e2b4ff7e89e7b5ce8de0a4a7c66b524e2bec4c7d4075049938a0c7c3d5edeb2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e2b4ff7e89e7b5ce8de0a4a7c66b524e2bec4c7d4075049938a0c7c3d5edeb2d, en de alinea staat in dat document op bytes 12717 tot 12940.