Citaat | Hoge Raad 5 april 2016

Onder 2.2.2. Hoge Raad 5 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:554.

Door verdachten is aan aangever verteld dat hij geld kon verdienen door het afsluiten van telefoonabonnementen en vervolgens aan hen de daarbij behorende telefoons te geven, dat zij die telefoons zouden verkopen en hij een deel van de opbrengst zou krijgen. Ook is hem gezegd dat hij geen rekeningen zou krijgen. Aangever had geld nodig. Hij heeft "meegedaan" door op één dag een vijftal abonnementen af te sluiten en de telefoons aan de verdachten af te geven, waarbij hij bij de telefoonwinkels telkens een verkeerd adres opgaf. Aangever heeft daarvoor geld gekregen. In ieder geval één van de verdachten ging telkens met hem mee.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f9e08ace1bde0c813f55038b55e97f75e5cefbd48cf20fa86d6239a847bc961. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f9e08ace1bde0c813f55038b55e97f75e5cefbd48cf20fa86d6239a847bc961, en de alinea staat in dat document op bytes 25121 tot 25770.