Citaat | Hoge Raad 5 april 2016
Onder 2.4.3. Hoge Raad 5 april 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:554.
Dit brengt mee dat die gedragingen eerst dan als 'mensenhandel' kunnen worden bestraft indien uit de bewijsvoering volgt dat voldaan is aan voormelde voorwaarde dat zij zijn begaan onder omstandigheden waarbij uitbuiting kan worden verondersteld. Het oordeel van het Hof dat 'uitbuiting' moet worden aangemerkt als een impliciet bestanddeel van art. 273f, eerste lid aanhef en onder 4º, Sr, is derhalve juist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f9e08ace1bde0c813f55038b55e97f75e5cefbd48cf20fa86d6239a847bc961. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f9e08ace1bde0c813f55038b55e97f75e5cefbd48cf20fa86d6239a847bc961, en de alinea staat in dat document op bytes 34903 tot 35326.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0f9e08ace1bde0c813f55038b55e97f75e5cefbd48cf20fa86d6239a847bc961 | shasum -a 256