Citaat | Hoge Raad 5 april 2016
Onder 2.2.2. Hoge Raad 5 april 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:556.
Wat feit 6 primair betreft stelt het hof vast dat verdachte aangeefster vertelde dat zij geld kon verdienen door telefoonabonnementen af te sluiten en de bijbehorende telefoons aan hem af te geven. Hij zou ze verkopen. Zij heeft op één dag drie abonnementen afgesloten en op een tweede dag gepoogd nog een abonnement af te sluiten. Zij heeft van verdachte geld gekregen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b7b0f50df5fe3859a53b1bcee892aa5dc053176412614ad2b5c5f2951d74870. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b7b0f50df5fe3859a53b1bcee892aa5dc053176412614ad2b5c5f2951d74870, en de alinea staat in dat document op bytes 33224 tot 33609.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6b7b0f50df5fe3859a53b1bcee892aa5dc053176412614ad2b5c5f2951d74870 | shasum -a 256