Citaat | Hoge Raad 12 april 2016

Onder 2.3.2. Hoge Raad 12 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 12 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:622.

Het Hof heeft weliswaar vastgesteld dat het verzoek onvoldoende is onderbouwd maar niet dat de aan het verzoek ten grondslag gelegde omstandigheid niet aannemelijk is geworden. Gelet hierop had het Hof bij de beslissing op het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak een afweging dienen te maken tussen alle daarbij betrokken belangen, waaronder het belang van de verdachte bij het kunnen uitoefenen van zijn aanwezigheidsrecht, het belang dat niet alleen de verdachte maar ook de samenleving heeft bij een doeltreffende en spoedige berechting en het belang van een goede organisatie van de rechtspleging (vgl. HR 26 januari 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZD1314, NJ 1999/294).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5907926e23549dbb1245b0a5db49bdcf769f60b3ed84d055ae19f3053d694913. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5907926e23549dbb1245b0a5db49bdcf769f60b3ed84d055ae19f3053d694913, en de alinea staat in dat document op bytes 10435 tot 11130.