Citaat | Hoge Raad 15 april 2016
Onder 3.8 Hoge Raad 15 april 2016
Een alinea uit Hoge Raad 15 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:662.
De rechter beslist op een verzoek om een nadere mondelinge behandeling. Daarbij blijft uitgangspunt dat een rechterlijke beslissing die mede wordt genomen op de grondslag van een voorafgaande mondelinge behandeling, dient te worden gegeven door de rechter(s) ten overstaan van wie die mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden. Dit uitgangspunt blijft gelden zolang niet is beslist op de geschilpunten die bij de mondelinge behandeling aan de orde zijn gekomen, en kan dus ook de fase van de procedure omvatten waarin op het gerecht niet meer de verplichting rust om aan partijen mededeling te doen van een rechterswisseling. De voorwaarden die in rov. 3.4.4 van het arrest van 2014 zijn gesteld aan de afwijzing van een verzoek om een nadere mondelinge behandeling, kunnen dan ook tot de einduitspraak een rol blijven spelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c6737a6c4a396164b49cfb5d3d6fe390ab69f5ad68ecf017ae494901dd8af21. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c6737a6c4a396164b49cfb5d3d6fe390ab69f5ad68ecf017ae494901dd8af21, en de alinea staat in dat document op bytes 15685 tot 16526.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0c6737a6c4a396164b49cfb5d3d6fe390ab69f5ad68ecf017ae494901dd8af21 | shasum -a 256